cinema Archieven - Kotatsu TV
Kotatsu TV
Shares

Tag Archives for " cinema "

RED BEARD 1965 Kurosawa Mifune coverfoto

Toshirō Mifune: de laatste samoerai (deel 3)

Shares

Toshirō Mifune: de laatste samoerai (deel 3)

Ik heb in mijn vorige blog geschreven over de (Italiaanse) westernfilms van Sergio Leone, waarin het beeld van de cowboy dankzij Clint Eastwood voorgoed veranderde. Dit beeld werd geïnspireerd door Mifune’s personage genaamd Sanjūrō in de film ‘Yojinbo’ en ‘Sanjuro’. Hierin speelde Mifune een zogenaamde “anti-rōnin”, die zijn vaardigheden inzet voor het goede in plaats van het slechte. Clint Eastwoods personage in ‘A Fistful of Dollars’ is een reflectie van deze “anti-rōnin”. Hij is een anti-held: een held waarvan men dit niet zou verwachten, vanwege zijn uitstraling of zijn handelen. Hoe dan ook, Mifune heeft (onbewust) de actieheld “gemaakt” zoals wij deze nu kennen.

Het einde van een tijdperkRed Beard 1965 -1

Tussen 1947 en 1965 speelde Mifune regelmatig in films van Akira Kurosawa. In 1963 vertolkte hij de rol van een bestuurslid van een schoenenfabrikant in High And Low. Het is een misdaadfilm die gaat over afpersing, ontvoering en de zoektocht naar gerechtigheid. De film onderzoekt ook ethische dilemma’s, sociale problemen zoals het contrast tussen arm en rijk en het drugsprobleem van de jaren ’60.

In 1965 speelde Mifune de rol van ‘Red Beard’ in de gelijknamige jidaigeki. Voor deze rol moest hij zijn baard en zijn hoofdhaar lang laten groeien, en hij moest deze steeds laten onderhouden gedurende de opnames. Jammer genoeg liep de productie van de film enorme vertraging op, met als gevolg opnames die steeds meer tijd in beslag namen. Het geduld raakte op: Mifune liep veel filmcontracten mis en belandde in de schulden. Tegen de tijd dat de film eindelijk voltooid was, was hij financieel uitgeput. Na een ruzie zette Mifune een punt achter de samenwerking met Kurosawa. Hoewel deze ruzie later werd bijgelegd, werkten beide heren nooit meer samen aan een film.

Mifune gaat soloZatoichi meets Yojimbo 1970

Na de breuk met Kurosawa ging het beter met Mifune: hij speelde in veel grote producties van grote Japanse regisseurs, zoals Samurai Assassin (1966) van Kihachi Okamoto (1924-2005) en The Sword of Doom (1967) van Masaki Kobayashi (1916-1996). In 1970 vertolkte hij een op Sanjūrō geïnspireerde lijfwacht in Zato’ichi meets Yojinbo, ook van Okamoto. Hierin speelt hij tegenover Shintarō Katsu (1931-1997) die Zatō’ichi speelt: een blinde masseur en zwaardvechter. Over dit personage zijn talloze films zijn geproduceerd, met Katsu in de hoofdrol.

In de jaren ‘70 begon Mifune de aandacht te trekken van westerse filmmakers. De eerste die hem benaderde was George Lucas (geb. 1944), die erg onder de indruk was van Mifune’s acteren in Rashōmon, Seven Samurai en Yojinbo. Lucas benaderde hem voor de rol van Obi-wan Kenobi in zijn eerste Star Wars-film (Episode IV, 1977). Deze film werd geïnspireerd door The Hidden Fortress (1958) van Kurosawa, waarin ook Mifune een belangrijke rol speelt. Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van twee onbelangrijke personages. In Star Wars kennen wij deze als C3PO en R2-D2. Mifune bedankte Lucas voor de eer. Als reden gaf hij aan dat hij een “sciencefiction samoerai” niet zag zitten. Het cultureel icoon van Japan zou hierdoor “imagoschade” lijden.

Mifune goes West

In mijn volgende en tevens laatste blog zal ik ingaan op Mifune’s toenemende populariteit in de Verenigde Staten, en vooral Hollywood. Hierbij gaat het vooral om Mifune’s samenwerking met westerse filmmakers. Daarnaast bespreek ik de miniserie Shogun (1980), waarvan het verhaal is gebaseerd op de eerste contacten tussen Nederland en Japan begin zeventiende eeuw.

Tot dan!

 

Toshiro mifune deel 2 cover

Toshirō Mifune: de laatste samoerai (deel 2)

Shares

Toshirō Mifune: de laatste samoerai (deel 2)

In mijn vorige blog schreef ik over de ‘jidaigeki’, de historische periodefilm. Daarnaast besprak ik de veranderde maatschappelijke situatie na de Tweede Wereldoorlog. Japan veranderde van een militaire dictatuur naar een constitutionele monarchie. De Japanse filmindustrie veranderde mee gedurende deze tijd. Hoewel het genre van jidaigeki eerst onderhevig was aan het censuurbeleid van de Amerikaanse bezetting (1945-1952), kwam er geleidelijk meer bewegingsruimte om het genre nieuw leven in te blazen. Na 1950, en vooral na het einde van de bezetting kwam de productie van de jidaigeki op volle gang. Dit was het ‘gouden tijdperk’ van de Japanse cinema, en voor Toshirō Mifune was dit moment beslissend voor zijn gehele filmcarrière.

Mifune begon zijn acteercarrière in de gendaigeki of “hedendaagse” film. Hij had een kleine rol als een lage samoerai in Life of Oharu (1952) van Kenji Mizoguchi (1898-1956), maar dit trok nog weinig aandacht. Hij werd pas “die ene samoerai” toen hij internationaal doorbrak in de klassieker Seven Samurai (1954). Zijn meest gedenkwaardige rol was echter die van Miyamoto Musashi (1584-1645) in de zogenaamde Samurai Trilogy (1954-1956) van Hiroshi Inagaki (1905-1980). In Throne of Blood (1957) laat Mifune zich van zijn meest dramatische kant zien.

Sanjūrō, de Japanse “cowboy”toshiro mifune deel 2-2

Eerder schreef ik over Kurosawa’s komische jidaigeki. Dit was een parodie op het oorspronkelijke genre. Voor de film Yojinbo (1961) werd Mifune gecast als Sanjūrō, een uiterst eigenzinnige rōnin die in eerste instantie niets moet hebben van andere mensen. Uiteindelijk zal hij toch bijdraaien om hen te redden.

Rōnin

Rōnin, de samoerai zonder meester (letterlijk “zwevend persoon”), waren in de ogen van de samoerai “eerloze” samoerai. Zij waren lager in aanzien dan zelfs de laagste samoerai. In plaats van seppuku of rituele zelfmoord te plegen, kozen zij ervoor om “vuil” werk te doen om zichzelf te kunnen onderhouden. In de meeste gevallen kleefde er bloed aan hun handen. Vanwege hun superieure vaardigheden in de zwaardvechtkunst werden zij als yōjinbō (lijfwacht) ingehuurd door machtige yakuza, die regelmatig hun tegenstanders en vijanden lieten omleggen.

De anti-rōnin

In Yojinbo is Sanjūrō de anti-rōnin: hij vecht tégen de yakuza. Het vervolg Sanjuro (1962) is veel luchtiger, waarin de humor meer naar voren komt. In deze film moet Sanjūrō een groepje onervaren samoerai en twee vrouwen uit hun clan beschermen tegen corrupte samoerai. Dit gaat moeizaam, als de vrouwen hem steeds belachelijk maken, en de onervaren samoerai hunzelf steeds in gevaar brengen.

Mifune als rolmodel voor Clint EastwoodToshiro mifune deel 2-1

Yojinbo was voor Sergio Leone (1929-1989) het model voor zijn eerste film uit de zogenaamde Dollars-films, A Fistful of Dollars (1964), met daarin Clint Eastwood in de hoofdrol. Het is een bijna exacte kopie van Yojinbo, en het verhaal speelt zich af in het Amerikaanse wilde westen. Eastwoods personage vertoont veel gelijkenissen met Sanjūrō: hij is eenling, hij is zeer bedreven met zijn wapen en bemoeit zich aanvankelijk met zijn eigen zaken. Leone pleegde plagiaat met de film, maar na een rechtszaak werd erkend dat de Toho Studios de auteursrechten bezaten. Ondanks dit alles werd A Fistful of Dollars een cultfilm, en Clint Eastwood een cultfiguur. Hij werd de typerende Hollywood-(actie)held. Maar aan wie is deze cultstatus toch te danken?

In mijn volgende blog: de breuk met Kurosawa (1965) en uitwisselingen met westerse filmmakers.